Een hart voor ónze mensen
“Met het geld dat we vandaag uitgeven aan immigratie kunnen we de pensioenen met 150 euro doen stijgen, de rusthuisfactuur plafonneren op 1.200 euro en de tarieven voor kinderopvang met 30 procent doen dalen.” Dat zei Vlaams Belang-voorzitter Tom Van Grieken bij de persvoorstelling van de campagne ‘Een hart voor ónze mensen’.

De economische vreugdekreten vanop de regeringsbanken staan in schril contrast met het welvaartspeil van de modale burger. Zo tonen de Vlaamse armoedestatistieken aan dat er de afgelopen 10 jaar op het vlak van armoedebestrijding niet de minste vooruitgang is geboekt. Nog steeds leeft 1 op 7 landgenoten in armoede.

Cijfers bewijzen bovendien dat de zogenaamde ‘jobs, jobs, jobs’ niet worden omgezet in een stijging van onze globale welvaart. Zo blijkt uit cijfers van het Leuvense Instituut voor de Arbeid dat vier op de tien nieuwe jobs deeltijds zijn en dat het in de helft van de gevallen gaat om tijdelijke contracten.

Het mag dan ook niet verwonderen armoede zich steeds verder spreidt over de verschillende sociaal-economische bevolkingslagen. Waar in het verleden de armoedestatistieken vooral ingekleurd werden door allochtone werkloosheid schuilt in de huidige cijfers steeds meer het verhaal van de gewone Vlaming die zijn of haar bestaanszekerheid bedreigd ziet: gezinnen die met de armoedegrens worstelen, alleenstaanden, éénoudergezinnen die in de marginaliteit terecht komen, working poor die geen voltijdse baan vinden, zorgbehoevenden die het sociale vangnet zien afbrokkelen en ouderen die de rusthuisfactuur niet meer kunnen betalen.

Economie ten dienste van de gemeenschap, niet omgekeerd

Betere macro-economische cijfers ogen misschien mooi maar als ze niet resulteren in meer welvaart en welzijn voor het volk zijn ze betekenisloos. Zo kan de bescheiden economische groei (1,7%) niet verhullen dat:
  • drie vierde van de rusthuisbewoners de rusthuisfactuur niet meer kan betalen
  • de pensioenen 40 procent lager liggen dan in onze buurlanden
  • 49% procent van de Belgen aangeeft dat hun koopkracht is gedaald
  • de werkgelegenheidsgraad (20-64) met 67 procent ver onder het Europees gemiddelde (71,1) ligt en we ons daarmee in het gezelschap bevinden van probleemlanden als Spanje, Italië en Griekenland.
  • 15 procent van de burgers onder de armoedrempel leeft.
  • De wachtlijsten voor sociale woningen een recordhoogte bereiken van 124.000.
  • Onze staatsschuld ver boven de 100-procent BBP-drempel blijft.
Deze cijfers illustreren naadloos dat de feeststemming in de Wetstraat afsteekt tegen de harde realiteit bij een steeds groter wordende groep in onze samenleving. Voor hen klinkt het economisch tromgeroffel vanop de regeringsbanken eens zo bitter.

Als sociale volksnationalisten een onaanvaardbare evolutie die de kern raakt van onze visie op de samenleving. Nationalisme is immers een verbreding van de solidariteit. Wij staan voor een Vlaamse solidariteit tussen de generaties, tussen rijk en arm, tussen gezonden en zieken, tussen werkenden en niet-werkenden. Ieder lid van onze volksgemeenschap dat in nood zit, heeft recht op een menswaardig bestaan.

Kostprijs niet EU-migrant = 43.000 euro

De naakte feiten tonen aan dat de huidige OCMW-immigratie echter een onderklasse heeft opgeleverd van levenslange steuntrekkers, die zelfs niet de intentie hebben om iets bij te dragen aan ons systeem. Sociaal-economisch is dit niet houdbaar. Zo wees een Nederlandse studie uit dat een migrant die op zijn 25ste in Nederland aankomt, de staat in totaal 43.000 euro kost, terwijl een Nederlander 76.000 euro opbrengt. Wat een discrepantie betekent van 119.000 euro.

Aangezien de Nederlandse studie als belangrijkste oorzaak de lage activiteitsgraad van allochtonen aangaf, ligt dat cijfer in België zonder twijfel nog een pak hoger. Zo scoren de ‘Belgische’ allochtonen volgens Eurostat het slechtst inzake tewerkstelling. Terwijl in de beroepsactieve leeftijd bijna 8 op 10 autochtonen werkt, is dat bij niet-Europese allochtonen minder dan 5 op 10. Bij de groep van erkende vluchtelingen is de situatie nog schrijnender. Volgens de Brusselse dienst voor arbeidsbemiddeling Actiris heeft minder dan 20 procent na twee jaar werk. Een eerdere studie van het Federaal migratiecentrum bevestigde die these: amper 1 op 4 erkende asielzoekers heeft na tien jaar een job die hij langer dan een jaar uitvoerde.

De repercussies op de staatskas zijn enorm: zo berekende de Universiteit Antwerpen dat een allochtoon van buiten de EU de helft minder bijdraagt dan een autochtoon, maar anderzijds wel tien maal zo vaak een beroep doen op een uitkering. Professor sociaal-economische wetenschappen, Ive Marx stelde hierover dat “ons bijstandsstelsel nooit bedoeld was om een groot deel van de migranten in op te vangen, enkel voor een beperkte groep van mensen die ongeschikt zijn voor de arbeidsmarkt.

Van lose-lose naar win-win

Als sociale volkspartij zijn wij van mening dat wij verplicht zijn allereerst solidariteit te tonen met onze gemeenschap. Dat heeft niets met egoďsme maar alles met realisme en langetermijnvisie te maken. Indien we het huidige pad verderzetten stevenen we immers regelrecht af op een ‘lose-lose-situatie’ waarbij het hele sociaal zekerheidssysteem implodeert. Zowel voor autochtoon als nieuwkomer is dat uiterst nefast. De situatie opnieuw ombuigen naar een win-win situatie is de absolute uitdaging van de 21e eeuw.

Indien we daar niet in slagen staat de evolutie naar een asociaal Amerikaans model met private gezondheidsverzekeringen, bijstandsverzekeringen en aparte elitescholen in de sterren geschreven. We staan bijgevolg voor de keuze: massa-immigratie of de sociale welvaartstaat?

Jaarlijkse kostprijs immigratie = 7,2 miljard euro

Hoewel een studie over de totale immigratiekost naar Nederlands of Noors voorbeeld in België taboe blijft, maakte de studiedienst van het Vlaams Belang een zo exhaustief mogelijke kostenraming op basis van ministeriële antwoorden, jaarverslagen en rapporten van overheidsdiensten. De totale jaarlijkse immigratiekost bedroeg hierbij 7,2 miljard euro.

We beperkten ons hierbij exclusief tot de kosten die voortvloeien uit mensen die niet over de Belgische nationaliteit beschikten. Burgers met de dubbele nationaliteit en/of nieuwe Belgen werden niet in rekening gebracht. Bovendien werd ook geen rekening gehouden met een aantal bijzonder hoge kostenposten die gepaard gaan met de instroom van (veelal niet-Europese) migranten. Denk maar aan de politionele, justitiële en administratieve kosten. Zonder enig voorbehoud kan de kostenraming bijgevolg als ‘zeer conservatief’ worden gekwalificeerd. De werkelijke – maar moeilijk te berekenen – kost ligt zonder twijfel fors hoger.

Kaderend
  • 7,2 miljard = 1,3 miljard meer dan het totaal aan werkloosheidsuitkeringen in 2016
  • 7,2 miljard = 3 x het totale Vlaamse budget 2017 voor mobiliteit en openbare werken
  • 7,2 miljard = 106 procent van het totale budget 2016 voor ziekte- en invaliditeitsuitkeringen.
De georganiseerde desinvestering

Omwille van het lakse immigratiebeleid dat in dit land wordt gevoerd, werkt onze sociale zekerheid bovendien als een magneet op gelukzoekers uit alle windstreken. Immigranten hebben het door het open-grenzen-beleid immers bijzonder gemakkelijk om zich in België te vestigen. Dat maakt dat alle voordelen van onze sociale zekerheid voor hen voor het grijpen liggen, zonder dat zij daar zelf ook maar ooit iets toe hebben bijgedragen.

De activiteitcijfers van allochtonen van de tweede en derde generatie bewijzen bovendien dat deze enorme kost niet geldt als een investering die op termijn resulteert in een gunstiger sociaaleconomisch klimaat voor de gehele samenleving. De vaak gehoorde stelling als zouden de migranten van vandaag de garantie zijn voor de instandhouding van ons welvaartsmodel, snijdt geen hout. Integendeel. Jaarlijks bereiken de immigratiekosten nieuwe recordhoogten waardoor de totale samenleving verarmt.

Indien we – net als Hongarije en Oostenrijk – de massa-immigratie stoppen ontstaat er ruimte om van Vlaanderen het Zwitserland aan de noordzee te maken: een welvarende staat met een sterke sociale zekerheid voor onze zwakkeren, ouderen en hulpbehoevenden.

Met het geld dat vandaag in de bodemloze put van de massa-immigratie wordt gegooid, kunnen we nochtans een antwoord bieden op noodzakelijke sociale noden voor onze mensen. Zo kunnen we met 7,2 miljard tegemoet komen aan volgende sociale prioriteiten:
  • Immigratie
    • Een aparte en beperkte sociale zekerheid voor de hier verblijvende legale niet-Belgen.
    • Om toegang te krijgen tot onze sociale zekerheid moet een verblijfsvereiste van zeven jaar worden ingevoerd en een werkvereiste van drie jaar (Deens model).
    • Een omgekeerde bewijslast bij de toekenning van een sociale woning.
    • Een effectief terugkeerbeleid met meer plaatsen in de terugkeercentra en een actieve opsporing van illegalen;
    • Een totale immigratiestop voor mensen uit moslimlanden
    • Een verstrenging van de nationaliteitswetgeving, inclusief inburgeringsproeven.
  • Sociaal
    • Een maximumfactuur in de residentiële ouderenzorg
    • Een verhoging van de pensioenen met 150 euro
    • Een verhoging van het kindergeld tot 200 euro voor de eerste twee kinderen en 90 euro vanaf het derde.
    • In de strijd tegen gettovorming een maximum aandeel vreemdelingen van 10 procent in het sociaal huurderbestand.
    • De tarieven voor na en voorschoolse kinderopvang met 30% doen dalen.
    • Btw-vrijstelling op energie voor wie een inkomen heeft dat lager ligt dan 1.400 euro voor een alleenstaande en 1.800 euro voor een gezinshoofd.
13 februari 2018



Copyright © 2004-2018 Vlaams Belang Schoten - Alle Rechten Voorbehouden
Webbeheerder : Karel Blockx